Never waste a good crisis. Eerst kwam Covid, daarna de Russisch-Oekraïense oorlog. De gas- en elektriciteitsprijzen swingden de pan uit. Dat kwam ook bij onze glastuinbouwsector hard aan. Die broeikassen zijn nu eenmaal erg energie-intensief. En dan zijn er nog de Europese ambities voor klimaatneutraliteit in 2050. Dat alles bleek een ideale aanleiding voor het Interreg-project ENERGLIK. Dat moest oplossingen zoeken voor de sector die zo bloeit in het grensgebied Vlaanderen-Nederland. Binnen ENERGLIK, dat 184.162,06 euro steun krijgt van de Provincie Oost-Vlaanderen, werden vier innovatietrajecten opgestart.
Allereerst is er de verdere ontwikkeling van dag- en nachtschermen en hun combinaties. Eenvoudig gezegd zorgen die schermen ervoor dat de warme lucht in de serre blijft. Zo moeten de telers minder stoken om hun kassen op te warmen. Dat zorgt voor een aanzienlijke besparing van warmte-energie. In vakjargon spreekt men van schermen met een hoge prestatiecoëfficiënt. Schermen of schermcombinaties met hoge prestatiecoëfficiënten zijn de eerste en belangrijkste stap in het terugdringen van het energieverbruik. Maar daar hangt dan weer een mogelijk ongunstig neveneffect aan vast. Intensief gebruik van schermen kan leiden tot relatieve luchtvochtigheidsniveaus die hoger liggen dan het optimale klimaat voor de planten.
Daarom richtte een tweede innovatie zich op efficiënte (actieve) ontvochtiging via optimaal schermgebruik. De Universiteit Gent ontwikkelde daarvoor ontvochtigingssystemen zoals de dampwarmtepomp. Ten derde zochten onderzoekers ook naar een optimaal gebruik van CO₂ door onderzoek naar de afvang en opslag ervan. Tot slot werden, om de plantgezondheid bij hogere luchtvochtigheidsniveaus te waarborgen, ook sporensensoren onderzocht.
Filip Bronchart, expert thermodynamica aan de Universiteit Gent, en Luis Corbalá, duurzaamheidsonderzoeker aan het Instituut voor Landbouw, Visserij en Voedingsonderzoek (ILVO), zien de verdere ontwikkeling, karakterisering en implementatie van schermen als de belangrijkste weg vooruit voor de sector.
De vorige energiecrisis was een katalysator voor ENERGLIK. Vandaag zitten we alweer in een nieuwe crisis. Hoe ernstig is dat voor de sector?
Bronchart: “De energieprijzen zijn opnieuw torenhoog. Op korte termijn hoeft dat niet rampzalig te zijn. Veel telers hebben gascontracten die zijn vastgeklikt over een langere periode. Maar op termijn zit de sector in zwaar weer. En dat hadden we toch kunnen zien aankomen? Het was wishful thinking om iets anders te geloven.”
Corbalá: “We moeten nog niet panikeren, maar wat als de situatie zo blijft tot in oktober? Dan beginnen de wintermaanden en is er veel energie nodig. Als het dan dubbel zo duur wordt om te stoken, wordt het wel een uitdaging.”
ENERGLIK zocht oplossingen voor een energiezuinigere glastuinbouw. Welke rol speelden jullie in dat verhaal?
Bronchart: “Ons onderzoek richt zich op de schermen die worden gebruikt om het klimaat binnen de serres te regelen. Die probeerden we zo efficiënt mogelijk te maken, zowel qua warmte-overdracht als damptransport. Hoe performanter de schermen, hoe minder je moet stoken. Met schermen die erg dampdoorlatend zijn, moet je de kassen ook minder verluchten om schimmelvorming tegen te gaan en gebeurt de ontvochtiging doorheen een scherm zeer efficiënt.”
Corbalá: “ENERGLIK gaat over duurzaamheid. We moeten dus kijken naar energiewinst, maar ook naar de impact die de innovaties hebben op klimaat en milieu. Bij ILVO evalueerden we alles in een levenscyclusanalyse. Zo brengen we de totale milieu-impact in kaart, van grondstofwinning tot afvalverwerking.”

Onderzoekers Filip Bronchart (UGent), Luis Corbalá (ILVO) en Hugo Monteyne (UGent) bestuderen de schermen die damp transporteren.
De glastuinbouw in onze regio is wereldtop. Hier vind je de meest geavanceerde serres ter wereld, maar die energievraag is een groot probleem en moeilijk te verzoenen met maatschappelijk verantwoord ondernemen. We moeten naar de toekomst kijken, zowel qua kostprijs als energieneutraliteit.

